‘Het verbaast me dat zoveel mensen een man waren, in dit leven’, schrijft Andreas Burnier in Het Jongensuur. En ‘dat juist ik een meisje moest zijn.’ Maar in het boek gaat Simone zwemmen in het uur dat het zwembad alleen voor jongens open is. Ze voelt zich immers een jongen.
Het boek verscheen in 1969. Andreas Burnier (1931-2002) schreef het als een tussendoortje terwijl ze bezig was met ‘De huilende Libertijn‘, een heel feministisch boek. ‘Het Jongensuur’ drong zich op, verklaarde ze. Ongevraagd.
‘Je moet eruit’, zegt de badmeester tegen Simone als ze wordt betrapt. Zoiets heeft Simone en haar Joodse familie in de oorlog vele malen gehoord als ze weer naar een andere onderduik gingen. Het verhaal wordt in omgekeerde volgorde vertelt. Het begint kort na de bevrijding, als Simone gaat zwemmen, maar gaat dus als het ware achteruit. Terug de oorlog in.
Avant la lettre
Burnier twijfelde zelf haar hele leven aan haar genderidentiteit. Ze trouwde, kreeg twee kinderen, was vaak ongelukkig en kreeg later in haar leven relaties met vrouwen. De Joodse schrijfster zat in de oorlog ondergedoken op verschillende adressen. Net als Simone uit Het Jongensuur.
In de biografie die Elisabeth Lockhorn over Andreas Burnier schreef, Metselaar van de Wereld (2015), noemt ze haar ‘transgender avant la lettre’. In die tijd waren er nauwelijks boeken van Burnier in boekhandels te vinden, maar dit jaar is De huilende Libertijn herdrukt en van Het Jongensuur verscheen een paar jaar geleden een herdruk.
Of Andreas Burnier echt transgender was of zo genoemd wilde worden, is niet duidelijk. Weliswaar gebruikte ze een mannelijke pseudoniem (Andreas) en schreef ze over Simone die Simon wilde zijn. En Het Jongensuur is deels ook autobiografisch. Maar volgens Lockhorn had ze moeite met labels (ook lesbisch vond ze geen fijn woord).
Contactgroep
In de Nederlandse transgender gemeenschap heeft Het Jongensuur nog een andere betekenis. Het is de naam van een contactgroep die in april 1994 werd opgericht. De initiatiefnemers wilden een plek creëren waar ook plaats was voor trans jongens die er nog niet uit waren of ze in transitie wilden. Ze voelden zich geen standaard binaire transgender in een tijd dat er minder ruimte leek te zijn voor non-binaire mensen. Het Jongensuur was, aldus een van de oprichters, een soort zelfhulpgroep voor ‘trans jongens en twijfelaars’.
Het boek van Burnier leefde bij de mensen van het Jongensuur enorm. Toen de oprichters van de contactgroep Burnier vroegen of ze het goed vond dat ze de groep naar haar boek zouden noemen, was ze direct akkoord. Tot grote blijdschap van de deelnemers van het Jongensuur. (Lees hier een artikel over de geschiedenis en het 25-jarig bestaan van de groep.)
De groep kwam maandelijks bijeen en sprak over van alles. Over seksualiteit, relaties, sollicitaties, hoe je m/v-formulieren invult, beeldvorming, toiletbezoek, kleding, broekvulling, lichamelijkheid en verlangens naar lichamelijke veranderingen.