« terug naar overzicht

TNN en het wetsvoorstel genderregistratie (art. 1:28 NBW)

Op 15 september heeft staatssecretaris van Justitie Teeven het voorstel tot wijziging van artikel 28 BW opengesteld voor commentaar vanuit de samenleving. TNN is blij dat er nu vaart gemaakt wordt met het veranderen van de mensenrechtenschendende en verouderde wetgeving. Wij roepen iedereen die zhaar mening wil geven over het ontwerp op dit te doen. Tot 15 november as. kan via de pagina voor internetconsultatie gereageerd worden.

TNN is beslist blij dat de regering onverkort vasthoudt aan het weghalen van iedere medische interventie als verplichting voordat de nieuwe genderidentiteit wordt erkend,  maar ziet nog duidelijk ruimte voor verbetering. Er  zijn nog een aantal grote problemen met het voorstel zoals het er ligt. In elk geval de volgende vijf:

  1. De wet vereist een deskundigenverklaring
  2. Men moet langs de rechter voor beoordeling
  3. Ouderschapsstatus wordt niet aangepast aan genderregistratie
  4. Het voorstel biedt geen goede oplossing voor jongeren
  5. Geen oplossing voor gendervariante personen die niet in het man/vrouw model passen

Ten eerste wil de wetgever dat deskundigen zich hebben uitgesproken over de echtheid van iemands gender-anders zijn. Dat is even problematisch als nu, want de psycholoog of psychiater die nu voor het genderteam moet bepalen of iemand het wel zeker weet, kan dat eigenlijk niet. Men eist dit uit angst dat de persoon in kwestie niet zeker is van zhaar keuze. Of dat zhij uit een vlaag van verstandsverbijstering tot de wens komt van een genderwijziging. Maar deskundigen geven aan dat zij dit niet voor ons kunnen bepalen, zoals ze ook niet kunnen bepalen of iemand echt níet transgender is. Daarnaast scheept het de deskundigen op met een werklast die ze niet willen. De cliënten die zorg nodig hebben kunnen ze al niet verwerken. Een procedure van informed consent zorgt er voor dat de personen in kwestie  zelf in staat is om een besluit over behandeling te kunnen nemen en daarvoor alle benodigde informatie aangeleverd krijgt.

Ten tweede is er geen reden voor een gang naar de rechter. Er is reeds een enorme overbelasting van de zittende magistratuur. Daarnaast betreft het een wijziging, geen volstrekt nieuwe akte. Dat kan prima administratief afgehandeld worden. Alleen wanneer de  kantonrechter een inhoudelijk oordeel zou moeten vellen heeft deze gang naar de rechtbank zin. Maar de rechter heeft evenmin als psychologen c.s. de expertise hier inhoudelijk over te oordelen. Dat leidt potentieel ook tot twee extra problemen: extra werklast voor de rechter die het toch heel druk heeft, terwijl deze zaak evengoed administratief afgehandeld kan worden. En als een rechter niet zeker is van zhaar zaak zal zhij extra deskundigen willen oproepen wat weer extra tijd en geld kost.

TNN heeft ook problemen met het derde punt, dat de ouderschapstitel niet wordt aangepast aan de actuele status. Dat is absoluut in tegenspraak met privacy-wetgeving. En het getuigt van geen respect voor de wens van de betrokkenen. Het argument dat dit in het belang van het kind is, is onzinnig. Europees recht heeft het ook zeker iets over te zeggen.

Ten vierde biedt het wetsvoorstel geen oplossing voor genderkinderen en -jongeren. Het komt regelmatig voor dat zij in hun minderjarigheid zeer stellig zijn over wie ze zijn en ook die juridische erkenning wensen. Die is veelal ook wenselijk wegens alle problemen die het rondlopen met de verkeerde papieren ook hen levert. Het is van groot belang voor deze jongeren dat zij hun school-carrière met de juiste papieren kunnen afsluiten teneinde zo discriminatie op school en /of op de arbeidsmarkt tegen te gaan. Naarmate het kind ouder is kan er meer belang aan zhaar uitspraken gehecht worden

Tenslotte is er geen uitweg voor wie niet in het dichotome man/vrouw-model past. TNN en Human Rights Watch verzoeken de overheid dringend zich hier over te buigen. We verwachten niet dat het direct een oplossing oplevert die mee wordt genomen in dit wetsvoorstel maar de zaak is dringend genoeg, een groep mensen wordt – ook na wijziging van artikel 28 – nog steeds niet erkend als persoon, waarmee  het belangrijkste mensenrechtelijke bezwaar blijft bestaan. Artikel 3 van de Yogyakarta principes met betrekking tot de toepassing van Internationale mensenrechtenwetgeving in relatie tot Seksuele Oriëntatie en Genderidentiteit gaat om erkenning als persoon voor de wet. Daartoe hoort heel duidelijk ook genderidentiteit. Een praktische oplossing zou kunnen liggen in het mogelijk maken in plaats van een M of F in  paspoort en ID-kaart een X te verkrijgen, van onduidelijk ongespecificeerd, onbekend.

Reageer

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

 

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.